U leest...

geen categorie

De opkomst en ondergang van de middenstand van Broek op Langedijk. Deel 17.

Broek op Langedijk moet zo rond de jaren dertig van de vorige eeuw zo’n tachtig neringdoenden hebben gehad. Ik heb het in deze niet over winkeliers, want niet elke neringdoende had een winkel, maar handelde vanuit het huis waarin men woonde en waar vanuit ze hun spulletjes verkochten. Naast de bakkers, de kruideniers en slagers waren het veelal weduwen en/of invaliden die met hun handeltje het hoofd boven water probeerden te houden. Veelal ondersteunt door hun kerk en geloofsgenoten. 

De kerk was wat dat betreft het enige sociale vangnet voor hen die buiten het arbeidsproces vielen en daardoor geen inkomsten hadden en aangewezen waren op de liefdadigheid en het armenbestuur van de gemeente.

Een groot deel van mijn eigen foto-archief dank ik aan de voormalig postbode en winkelier Piet Schoenmaker uit Zuid-Scharwoude die heel veel fotoboeken had met ansichtkaarten van Langedijk van Noord tot Zuid. Piet heeft me indertijd ook van veel informatie voorzien over de middenstand van Zuid-Scharwoude en ik mocht van hem veel van zijn ansichtkaarten inscannen. Veel van deze foto’s zijn ook terug te vinden in het beeldarchief van Stichting Langedijker Verleden en de foto’s die ik in deze serie gebruik uit 1967 komen bijna allemaal uit hun archief en zijn ooit in opdracht van de gemeente Langedijk gemaakt om het dorpsbeeld van voor de verkaveling te laten vastleggen.

Tegenover de winkel van Maarten Otto zat de verfwinkel van Wijnand van Doornum.

Hier op de foto, twee huizen voorbij de winkel van Maarten Otto stond de winkel van de weduwe Ten Bruggencate. 

Zo’n beetje tegenover de winkel van de weduwe Tenbruggencate was het Oudepad dat in de volksmond ‘Pikpad’ werd geheten. Het pad dankte zijn naam voornamelijk aan het feit dat de familie Pik daar woonde.

Tegenwoordig komt de naam Pik in Langedijk niet meer voor. De eerste Pik die zijn naam veranderde was de zoon van de winkelierster de weduwe Pik op de Dijk. Zoon Jan veranderde zijn naam in Pikée. Daarmee verdween een naam die zijn oorsprong vond in het beroep dat voorouders zullen hebben uitgevoerd. Een schuitenmaker, in de tijd dat schuiten nog van hout werden gemaakt, werd vroeger ook vaak Jan Pik genoemd, vanwege het kokende pek dat gebruikt werd om de met werk gevulde naden van de houten vaartuigen verder af te dichten.

Het heeft vrij lang geduurd voordat ik als geboren Broeker begreep dat het geen Pikpad was maar Oudepad heette. In het voorhuis  op het Oudepad hadden Jan en Cornelia de Graaf een kruidenierswinkeltje.

Op de foto Jan en Cornelia in hun tuin. Jan de Graaf ging met een gesloten handkar het dorp door. Als kind had hij kinderverlamming gehad waardoor hij moeilijk liep en ook sprak en hij had een lamme arm. Toen hij geen winkel meer had heeft hij nog jaren voor de Sparwinkel op het Noordend boodschappen in zijn handkar rondgebracht.

Schuin tegenover de winkel van weduwe Ten Bruggencate was de bakkerij van A. Kok. Het tweede pand rechts van de weg, de tweede stolp, was de smederij van Arie Dekker.

Op de foto staat bakker A. Kok aan het hek. De mensen op straat staan ter hoogte van de smederij van Dekker. Het derde huis links was het eerste postkantoor van Broek op Langedijk, daarna is het de winkel van Arie Dekker geworden. Na de sloop van de smederij in de stolp bouwde Arie Dekker daar een nieuwe smederij met daarvoor een winkel. Zijn oude winkel, derde huis links, werd later de schoenhandel van Cools.

Wordt vervolgd.

Discussion

No comments yet.

Post a Comment

Archief