“Ex nihilo nihil fit” Deel 2 van 6.

Gunstig of ongunstig is niet van invloed.

Nog in dezelfde week, op 19 juni, verschijnt er een artikel in de krant waarin wordt vermeld dat de stuurgroep streekplanherziening Noord-Kennemerland bestaande uit de gedeputeerden M. de Boer (voorzitter) en J. Achterstraat, de wethouders Lenie Jansen (Heerhugowaard, de latere burgemeester van Nieuwe Niedorp), Leo Worm (Alkmaar) en Bob Kockx (Langedijk) namens de HAL-gemeenten, alsmede vertegenwoordigers van de kustgemeenten, de ‘kleine HAL’ (Heiloo, Akersloot en Limmen) en de landelijke gemeenten hun voorkeur uitspreken voor het zogeheten ‘compacte bouwmodel’. In deze variant zou gebouwd gaan worden in Vroonermeer-zuid tot de Kruissloot, De Nollen (gemeente Alkmaar), Bruggesloot-zuid en Heerhugowaard-zuid. Hierbij zou het noorden van Sint Pancras vrij van woningbouw blijven. Ook in Heerhugowaard-noord zou niet worden gebouwd. In de milieu-effectrapportage (MER) van die tijd scoort Heerhugowaard-noord gunstig en Bruggesloot ongunstig. Vooruitlopend op het nieuwe streekplan ging de provincie akkoord met het plan Oostwal in Sint Pancras waar de gemeente Langedijk eind 1992 wil beginnen met de bouw van twee honderd woningen in het zuid/zuidoosten van Sint-Pancras. De meerderheid van de statencommissie ruimtelijke ordening van de provincie heeft met die afwijking van het vigerend streekplan ingestemd. Alleen D66 onthield zich van goedkeuring aan dat plan, omdat het in hun ogen ‘dwars door alle HAL-procedures fietst’.

Milieu-effectrapportage weinig zinvol.

In de Alkmaarse krant van 2 juli 1992 stelt de journalist van dienst zich de vraag wat de waarde van de milieu-effectrapportage (MER) is voor de gevolgen van de bouw van maximum 14.000 woningen in het HAL-gebied? De kosten van deze rapportage worden geschat op ƒ 300.000 maar lijken voor niets te zijn uitgegeven. Wat is namelijk het geval: Gedeputeerde Staten hebben gekozen voor een bouwmodel waarover de HAL-colleges het al anderhalf jaar eerder eens zijn geworden. Dat stelt de stichting Kleimeer tenminste in een reactie op de nieuwe HAL-ontwikkelingen.

De vrees is groot dat de uitkomsten van de MER, die provincie en gemeenten vooraf bestempelden als ‘zwaarwegend advies’, onder tafel worden geschoven. Drs. H. van Os uit Koedijk van de stichting Kleimeer zegt daarover: “Nauwelijks is de MER, waarop heel lang moest worden gewacht, verschenen of de keuzenotitie van GS wordt gepresenteerd. Dat is opvallend snel. In de keuzenotitie is relatief weinig terug te vinden van de MER.”

Stichting Kleimeer voorziet dat het MER-rapport nauwelijks meer aan bod komt.

Van Os bestreed ook dat het gekozen HAL-model (de ‘compacte variant’) voor 75% overeenkomt met het beste MER-model, zoals door GS in de keuzenotitie werd gesteld.

“Hierin wordt de overeenkomst afgemeten aan het aantal woningen dat procentueel een plek heeft in het meest milieuvriendelijke alternatief. Deze benadering is volkomen onjuist. Je kunt beide modellen alleen tegen elkaar afwegen op basis van een vergelijking van de effecten. Dat is niet gebeurd. Zonder deze vergelijking kan geen afweging worden gemaakt tussen milieu-argumenten en andersoortige argumenten. Deze afweging wordt in de keuzenotitie dan ook niet gemaakt.”

“Het compacte-model komt vrijwel overeen met het bouwmodel waarvoor de HAL-colleges eind 1990 hebben gekozen. Wat is het nut geweest van de MER en van de bemoeienis van de provincie?”

Inspraak een farce?

De inspraak op de milieu-effectrapportage van de HAL-plannen zou pas in augustus 1993, ruim een jaar later, ter visie worden gelegd, tegelijkertijd met het ontwerp-streekplan voor Noord-Holland-noord. De keuze notitie die snel op de MER-rapportage verscheen kwam niet in de inspraak en het werd daarom als zeer bevreemdend ervaren, want dat zou op een soort inspraak achteraf neerkomen. Om als burger in die tijd inspraak te kunnen hebben, moest je wel financieel wat over hebben. Alleen de aanschaf van de MER-rapportage kostte een kritische volger van de bestuurlijke besluitvorming toen al ƒ 90,- en daar kwam nog bij dat die MER-rapportage heel slecht was te verkrijgen.

Het gevecht ging door.

De werkgroep ‘Langedijk landelijk, agrarisch en zelfstandig’’ en de stichting ‘Negen Eeuwen Langedijk . . . Hoe lang nog?’ verklaren in de eerste week van juli 1992 in een brief aan de gedeputeerden M. de Boer en J. Achterstraat hun bezwaren tegen Bruggesloot nader. Aanleiding voor die brief zijn uitlatingen van de twee gedeputeerden tijdens de overhandiging van de Langedijkerpetitie dat de bezwaren vanuit Langedijk tegen de HAL-plannen hen niet duidelijk zijn.

De belangrijkste bezwaren van de stichting en de werkgroep tegen de bouwplannen van 1600 woningen in Bruggesloot waren;

  • het gemeentelijk uitgangspunt van twee jaar eerder dat Langedijk de groene long moest blijven tussen Alkmaar en Heerhugowaard werd door de bouw  van Bruggesloot geweld aangedaan.
  • de agrarische sector zou onvoldoende profiteren van de voordelen van de twintig jaar eerder uitgevoerde ruilverkaveling.
  • de voorgenomen uitbreiding van Langedijk met 40% in tien jaar zou het sociale leven volledig ontwrichten.
  • de karakteristieke lintbebouwing van Langedijk zou worden vernield.
  • en bestaande voorzieningen in de dorpen zouden in hun voortbestaan worden bedreigd.

De gedeputeerden werden in de brief gewezen op het beste model uit de MER (milieu-effectrapportage) voor het HAL-gebied. In dat milieuvriendelijke alternatief komt Bruggesloot namelijk niet voor en de werkgroep en de stichting spreken de voorkeur uit voor kleinschalige nieuwbouw bij de bestaande dorpskernen in geheel Noord-Holland.

Projectontwikkelaar Wokke blijft zich roeren.

De man die vanaf het begin woordvoerder was voor de werkgroep ‘Langedijk landelijk, agrarisch en zelfstandig’, Johan Wokke bleef openlijk strijden voor zijn eigen belangen en klom in de pen om een brief te schrijven aan de statencommissie van onderzoek waarin hij suggereerde om de Bruggesloot te bestemmen als tweede Rijk der Duizend Eilanden. Dit zou dan een aantrekkelijk woongebied moeten worden voor directeuren, waardoor de kans op vestiging van bedrijven in het HAL-gebied groter zou worden. Erg veel indruk heeft zijn brief in Haarlem niet gemaakt, want de statencommissie heeft er in haar vergadering met geen woord over gerept. Het bestuur van de werkgroep waar Wokke ooit deel van uitmaakte, distantieerde zich van het schrijven.

Op 14 juli zou er in de raadscommissie middelenbeheer van Langedijk worden gepraat over het bijdragen in de kosten van een onderzoek naar de financiële haalbaarheid van de HAL-plannen. Het aandeel van Langedijk hierin werd ingeschat op ƒ 35.000.

Nieuwjaarstoespraak burgemeester januari 1993.

Met géén woord kijkt burgemeester Bulte in zijn nieuwjaarstoespraak van 5 januari 1993 terug op de onrust onder de bevolking over de plannen van Bruggesloot, maar staat stil bij het feit dat ouderen meer betrokken zouden moeten worden bij het opstellen van uitbreidingsplannen. Op zich zou dat wel als normaal kunnen worden ervaren omdat 1993 was uitgeroepen tot ‘Jaar van de oudere’, maar het blijft wel wat vreemd voor iemand die zich, als het hem uitkwam, uitsprak de ‘burgervader’ te zijn van een bevolkingsgroep die het moeilijk had of niet tevreden was. Wel gaf hij aan dat in het ontwikkelen van het bestemmingsplan Bruggesloot rekening gehouden zou moeten worden met de huisvesting van ouderen en hij pleitte er nadrukkelijk voor om ouderen te betrekken bij politieke partijen en het raadswerk. Met een schuin oog keek hij hierbij vooruit naar de gemeenteraadsverkiezingen van 1994.

Hoe schuin dat oog stond is niet bekend, maar Bulte moet daar toch niet al te optimistisch over zijn geweest. Tot op dat moment was het als burgervader van CDA-huize makkelijk manoeuvreren met een CDA-fractie bestaande uit 8 zetels, want met twee extra stemmen uit een andere fractie had men een meerderheid. En de wethouderszetelgeilheid bij PvdA, GroenLinks en VVD was groot genoeg om het bestuurlijke roer en de koers vast te houden.

Dat moet ook de reden zijn geweest dat Bulte een grote voortrekker werd in die tijd om een nieuw gemeentehuis met een zalencentrum te bouwen dat blijkbaar op de toekomstige groei van de gemeente op voorhand moest worden neergezet. Twee dagen voor de nieuwjaarstoespraak van de burgemeester maakte de Stichting ‘Negen eeuwen Langedijk, hoelang nog?’ een start met een protestactie tegen de bouw van dit nieuwe gemeentehuis. Iedere Langedijker kreeg daarbij een prent door de bus die na ondertekening weer zou worden opgehaald en aangeboden aan het gemeentebestuur.

De stichting ageerde niet alleen vanwege de kosten van twintig miljoen tegen de bouw, maar ook omdat er vooruitgelopen werd op de ontwikkelingen in het HAL-gebied.

De stichting vindt dat eerst de mening van de plaatselijke bevolking gepeild had moeten worden. “Nu alles al rond is, krijgen de inwoners van Langedijk een krantje in de bus en wordt er nog een informatiebijeenkomst belegd. Dat is mosterd na de maaltijd!”

Wordt vervolgd.

Geef een reactie