Smiths Chipswerknemers van het eerste uur. (3.)

In deze serie maakt u kennis met een aantal werknemers van het allereerste uur die vanuit hun middenstand achtergrond aan de voet hebben gestaan van een onderneming die heel belangrijk was en is voor de werkgelegenheid in onze regio. Om de vier weken leest u meer over het bedrijf en haar werknemers, maar ook over datgene dat die werknemer en zijn/haar familie als onderdeel van de geschiedenis van Broek op Langedijk hebben meegemaakt.

Personeel Chips was een grote familie.

Vanaf het begin van de productie van de chips waren de onderlinge verhoudingen in het bedrijf heel erg goed en de chips had al heel snel een goed draaiende personeelsvereniging en vanaf 1965 hadden ze een regelmatig verschijnend personeelsblad met de titel “Chip Ahoy”.

Blijkens die uitgaven werd alles wat er te vieren werd met het personeel gevierd en gedeeld.

Ook aan de huwelijken werd vanaf het eerste begin veel aandacht geschonken, omdat dit ook een mogelijkheid was een naamsbekendheid van de chips op te bouwen.

Het huwelijk van Jan Pikee met Nel Klercq.

Kort na zijn in dienst treden bij de chips trad Jan Pikee in het huwelijk met Nel Klercq en dat zou in de huidige tijd een echt Dijk en Waard huwelijk zijn geweest.

Nel Klerq woonde op Middenweg 40 in Heerhugowaard waar haar vader een gemengd bedrijf had van fruitteelt en kippen. Slachtkippen in dit geval. In 1960 is de broer van Nel, Kees Klercq, begonnen met het slachten van kippen van zijn vader en begon hij in 1967 een poelierswinkeltje in de Stationsweg.

Jan en Nel trouwden op 7 augustus 1958 in het gemeentehuis van Heerhugowaard aan de Middenweg en dat moet wel opgevallen zijn die dag, getuige de foto’s. De marketing was dan duidelijk aanwezig.

Melkpad Zuid-Scharwoude.

Woningnood is van alle tijden en zo ook in de jaren vijftig van de vorige eeuw was woningruimte heel schaars. Jan en Nel Pikee woonden die eerste jaren in de helft van een klein dubbelwoonhuis aan het Melkpad in Zuid-Scharwoude voor zij begin jaren zestig naar een woning in de Beatrixstraat verhuisden. De foto’s van het Melkpad geven wel een aardig tijdsbeeld weer.

Hoe het gefrituurde aardappelschijfje van de grond kwam.

Het bakken van de chips was in die dagen nog lang geen continuproces. Meestal waren er nog niet voldoende orders om de hele dag te bakken en werd het personeel ook voor andere werkzaamheden ingezet. Na het bakken van de orders bestond de rest van de dag vaak uit schoonmaken van bakovens, snijmachines en aardappelmanden. Het was vaak schoonmaken en dan nog maar eens schoonmaken, want soms was er maar een uurtje productie nodig om een bestelling te verwerken.

De service van Smiths.

De grote service die Smiths aan de klanten gaf, leverde veel teruggenomen chips op. Onverkochte zoutjes van 3 tot 4 weken oud werden geruild voor verse. Het kon dan ook gebeuren, dat Pikee met zijn maat wegreed voor een tweedaagse route met 60 overdozen en weer in Broek op Langedijk terugkeerde met 30 tot 40 overdozen oude zoutjes. Die gingen dan meteen op de brandstapel op de vuilnisbelt achter de chips. Naarmate Nederland vertrouwd raakte met de crisp werden de retouren minder en de vuren dus kleiner. Later in de jaren zestig werd veel van de overbodige chips opgehaald door een varkenshouder die het aan zijn dieren te eten gaf. De chips werd in die jaren nog niet gezouten, het zout zat er in een aparte verpakking bij in, dus dat was voor die varkens een mooie maaltijd.

Groei.

Toen er met de groei van de Smiths meer vertegenwoordigers in dienst kwamen, ruilden deze iedere vrijdagavond oude crisps om voor verse. In die begintijd van de groei kwamen zij allemaal naar Broek op Langedijk en rekenden dan tegelijk af wat zij die week verkocht hadden. Wat later gebeurde dat op zaterdag in Wassenaar en later in Rotterdam. Om zes uur ’s morgens gingen de heren Pikee, Van der Welle en Baay met de vrachtwagen richting havenstad en na afloop van de ontmoeting met de vertegenwoordigers, waarvoor de heer Baay als administrateur mee was voor de financiële afrekening, gingen de heren weer op huis aan om omstreeks drie uur ’s middags weer thuis te zijn.

Met de groei van het bedrijf kwam ook de export met Duitsland en België opgang en kreeg de chips op een aantal plaatsen depots van waaruit de afnemers werden bediend.

Dit had ook gevolgen voor het wagenpark. De vrachtwagens werden groter en de Volkswagenbusjes voor het vervoer van de crisps raakten eruit. Voor de export naar België en Duitsland werden trailers aangeschaft. Dit waren speciale trailers waar veel volume in kon. De bodem van die trailers was extra verlaagd en alleen de wiel bakken en de kop van de trailer waren verhoogd.

In mijn eerste jaren als theatertechnicus bij een aantal toneelgezelschappen hebben we nog jaren gebruik gemaakt van afgedankte chipstrailers, omdat ze ideaal waren om hoge decors in te vervoeren.

De groei van de chipsfabriek ging op een bepaald moment zo snel dat het vervoer voor een groot deel moest worden uitbesteed. Vanaf 1967 verscheen het transportbedrijf v.d.Heerik op het terrein van de Smiths en kreeg ook deze Broekerondernemer te maken met groei.

Bronnen: Deze serie zou niet mogelijk zijn dankzij de informatie en foto’s van de familie Pikee en Kok. Andere gebruikte bronnen waren Chip Ahoy, het Regionaal Archief Alkmaar, Alkmaarse Courant. De krantenartikelen en een aantal foto’s dank ik aan de verzamelwoede van Piet Schoenmaker (1922-2009), voormalig postbode, middenstander, tevens oud-medewerker van de Chips.

Wordt vervolgd.

Geef een reactie