Het Zuiderdel door de jaren heen.

In deze serie van zes delen over het Zuiderdel, waarvan iedere maand een aflevering wordt geplaatst, sta ik stil bij de ontwikkelingen in en rond het Zuiderdel, want zonder Zuiderdel had Broek op Langedijk nooit de ruimte gehad voor een spooremplacement en een station, zou de N.V. Zuiderdel nooit op het Zuiderdel gevestigd zijn en ook de Smith’s Potato Crisps, Koelhuis Gebr. Kloosterboer, Scheepswerf Bak en Van den Heerik transport de ruimte hebben gehad om te ondernemen.

Chips in de pers.

De Smith’s Potato Crisps werden, sinds de introductie in 1958 van dit gefrituurde aardappelschijfje in Nederland, steeds populairder. Begonnen met een personeelssterkte van 30 man in 1958 groeide het bedrijf gestaag. Een krant meldde in 1961; “Aanzienlijke uitbreiding bij Smiths Potato Crisps thans reeds een 50 employés”.

De inwoners van Broek op Langedijk zagen die groei niet alleen in de toename van het verkeer naar en van de fabriek, maar roken bij westenwind ook dat de ovens vaker aanstonden. Maandag was in die dagen voor de huisvrouwen de dag dat de kleren in de wasmachine gingen en de lakens en het andere witgoed op de bleek werden gelegd. Bij vochtig weer had dat tot gevolg dat de kleren vaak daarna waterafstotend waren. De schoorsteen op de fabriek was nauwelijks een meter hoog en men ging ervanuit dat het zuiver waterdamp was dat de fabriek verliet. Dat er vetdeeltjes aankleefden en zo bij westenwind over de oranjebuurt werd verspreid, dat was ‘pure fantasie’ van de bewoners die geen binding met de fabriek hadden.

Op 16 maart 1965 valt er in de Alkmaarse krant te lezen: “Schoon” bedrijf in Langedijk. Wat betreft het probleem van de luchtvervuiling kunnen de Langedijkers gerust zijn. De potato-fabriek kan een “schone” industrie worden genoemd daar het enige afval, dat de lucht in wordt gestuurd, uit waterdamp bestaat.

Toen de fabriek in 1967 negen jaar bestond was de productiecapaciteit vertienvoudigd en had de fabriek 470 mensen in dienst. Het totale bedrijfsoppervlak was toen al 11/2 hectare. Het duurt nog tot de zomer van 1969 voor de bevolking van Broek op Langedijk met een petitie naar het College van B en W van de gemeente Langedijk en naar de Provincie Noord-Holland komt. De tekst van de petitie luidt:

“Wij, ondergetekenden, allen bewoners van Broek op Langedijk, protesteren met klem tegen de onaanvaardbare water- en luchtverontreiniging door de Potato Chips-fabrieken (Smith) te Broek op Langedijk. Wij verzoeken uw raad en college van B. en W. met spoed die maatregelen te treffen, die een einde kunnen maken aan deze overlast. Vooral op het Zuideinde is de overlast zeer groot. Wij hopen dan ook dat in de eerstkomende raadsvergadering de nodige aandacht aan deze petitie zal worden besteed. Dat er besluiten zullen worden genomen die tot een snelle verbetering van de situatie zullen leiden. Wij hopen een spoedig en hopelijk ook een afdoend antwoord tegemoet te mogen zien.”

Zoals wel vaker tot op de dag van vandaag gebruikelijk is, lieten de toenmalige raadsleden en het College van B. en W. weinig van zich horen, want het probleem lag niet op hun bordje, maar op het bordje van het Hoogheemraadschap die de Chipsfabriek toestemming had verleend om in het Geestmerambacht en het Zuiderdel te lozen. Opkomen voor de belangen van hun inwoners was op dat moment voor de gemeenteraad en college niet aan de orde.

De Smith’s-fabrieken zelf waren inmiddels wel bereid om de nodige maatregelen te nemen. Allereerst werd begonnen met het ‘uitbaggeren’ van het Zuiderdel om de aardappelresten boven water te krijgen. Deze werden over het land uitgestort om er daarna zand over te spuiten om zo de stank in te dammen.  In de praktijk kwam dat uitbaggeren erop neer dat niet de aardappelresten van de bodem werden gehaald, maar dat men met een hijskraantje de drab die door de gisting boven op het water was komen te drijven van het water schepte.

De chef-technische dienst, de heer Van der Welle zei hierover: “Ik vind de klachten van de omwonenden zeer zeker gegrond, we zitten zelf nog dichter bij de smeerboel. Er is door ons dan ook direct opdracht gegeven om een einde te maken aan de overlast.”

De Chipsfabriek zelf was eerder in 1969 overgegaan tot de aanschaf van een zuiveringsinstallatie en hoewel de investering van 200.000 gulden niet geheel bevredigend werkte, hij was ten tijde van de klachten buitenwerking, was men van mening dat de klachten spoedig zouden verdwijnen. De heer Van der Welle zei daarover: “De waterzuiveringsinstallatie heeft ongeveer een maand gewerkt, toen ging hij kapot. Het onderdeel is naar de fabriek teruggestuurd. Tot die tijd moeten we weer in het meer lozen. Een situatie als we de laatste week hebben meegemaakt zal echter beslist niet meer herhalen.”

Deze voorspelling heeft niet lang standgehouden helaas.

Dinsdag 30 mei 1972

In de gemeenteraadsvergadering van 30 mei 1972 laat het merendeel van de raadsleden aan het College van B. en W. weten dat hun houding ten aanzien van de stankoverlast van de dan geheten Smith Food Group te lankmoedig is. Men twijfelt ook ten zeerste aan de oprechtheid van de fabriek om te willen meewerken aan een oplossing. Men vroeg het college ook waarom zij niet de actiegroep en de directie om de tafel hadden geroepen om tot een oplossing te komen. Verder bestond het niet te bewijzen vermoeden dat de fabriek en/of N.V. Zuiderdel de hopen met aardappelen achter de bedrijfspanden niet gewoon het Zuiderdel hadden ingeschoven, omdat het niet aannemelijk leek dat die aardappelen die de dag voor de raadsvergadering daar nog lagen, in zo’n kort tijdsbestek allemaal zouden zijn afgevoerd.

Wethouder Stoop bestreed op grond van zowel informatie die hij van de directie van Smith als van de dochteronderneming Zuiderdel had gekregen, dat er aardappeluitschot in het water van het Zuiderdel was geschoven. Tevens verklaarde hij dat er sinds augustus 1971 geen afval op het terrein was gestort. De Broeker raadsleden waren het hier duidelijk niet mee eens en noemden de wethouder wel erg lichtgelovig. Juffrouw Wissel vond het in ieder geval een ergerlijke zaak, dat het college zolang de vinger aan de pols heeft gehouden, net zoals het bij de vorige gelegenheid m.b.t. de stankoverlast heeft voorgegeven: “Die vinger zal zo langzamerhand wel stijf geworden zijn.”

De Smith Food Group liet verder nog weten bezig te zijn met de ontwikkeling van een apparaat om de hinderlijke baklucht en de vetaanslag die het bedrijf verspreidt tegen te gaan. Het apparaat zou al binnen enkele weken bedrijfsklaar zijn.

Wordt vervolgd.

Geef een reactie