Het verdronken land van “Dijk en Waard”.

Vanavond wordt in het forum”Dorp en Ruimte” van de gemeente Langedijk bij agendapunt 6 het ‘luchtkastelen bouwplan’ van wethouder Jongenelen, “Langedijk ontwikkelt met water”, behandeld. Hij gaat daarmee voort op de weg die onder zijn voorganger Beers al is ingezet, namelijk plannen maken die buiten jouw ambtstermijn afgehandeld zullen worden.

Daarmee ontloop je als bestuurder verder elke eigen verantwoording en leg je die bij je opvolger, in dit geval ook bij een nieuwe gemeente. Wethouder Jongenelen heeft nog weinig laten zien dat hij echt iets kan. Tot op heden is er weinig uit zijn handen gekomen, terwijl er zoveel problemen zijn die vandaag eigenlijk al aangepakt moeten worden. Helaas ontbreekt het deze wethouder volledig aan enige realiteitszin en als een Don Quichot moet Langedijk en Dijk en Waard een plan door de strot geduwd dat alleen maar voor nog grotere problemen gaat zorgen.

Hoe het zit met de realiteitszin van de huidige raad weet ik op dit moment niet, ervaringen uit het verleden stemmen niet tot optimisme. Daarom heb ik gemeend om voor het Forum van vanavond schriftelijk gebruik te maken van mijn spreekrecht bij punt 6. Ik plaats hem hier zodat meerdere mensen er kennis van kunnen nemen en vanavond zien en horen wat of onze raadsleden er mee doen.

Het verdronken land van “Dijk en Waard”.

Aan de raad en het College van B&W van Langedijk.

Spreekrecht bij behandeling van “Langedijk ontwikkeld met water” in Forum van 16 juni 2020.

Geachte leden,

Langs deze schriftelijke Covid-19vrije weg wil ik u in kennis stellen van mijn opvattingen betreffende bovenstaand onderwerp in uw vergadering.

Ik stoor mij al meer dan tien jaar aan de wijze waarop opeenvolgende wethouders denken Langedijk in de vaart der volkeren op te moeten stuwen en ons daarbij volledig ten gronde laten gaan. Beleid stoel je op visie en visie ontwikkel je vanuit ervaringen uit het verleden en baseer je op onderzoeken en ervaringen.

Dat heb ik helaas de afgelopen tien jaar in de aanloop naar “Langedijk ontwikkelt met water” niet waargenomen. Net als dat ik in die jaren zelden Collegeleden en raadsleden in het gebied heb gezien of het moet met een glaasje zijn geweest bij lichtjesavond. 

In die jaren heb ik wel uitnodigingen uitgedaan aan raads- en bestuursleden om eens mee te gaan om de werkelijkheid onder ogen te zien. In tien jaar is daar maar twee keer gebruik van gemaakt, maar dat was dan eerder uit beleefdheid dan uit betrokkenheid.

Op geen enkel punt heb ik kunnen constateren dat het plan gebaseerd is op een realistisch beeld en het Langedijker bestuur ontwikkelt op geen enkel punt met water.

Wethouder Jongenelen zittend voor Dorpsbelang Langedijk blijkt in zijn project “Langedijk ontwikkelt met water” op geen enkele manier rekening te houden met het feit dat als je de waterhuishouding van Langedijk op orde wilt houden, je de basis van dat water, de biotoop op orde dient te houden en/of te krijgen.

Het is alsof ik oude afleveringen terugzie van “Creatief met kurk”.

Wethouder Jongenelen stelt dat de basis is;

“a. Ontbrekende (historische) schakels in het waternetwerk oplossen.
b. Behouden en versterken van de kwaliteit van vaarwegen en oevers.
c. Het in balans ontwikkelen van diverse functies van het water.
d. Veiligheid en verantwoordelijkheid bevorderen op het water. “

Helaas wordt hier volledig voorbijgegaan aan wat er op dit moment in en rond de wateren in Langedijk speelt. Het probleem van het “Langedijk ontwikkelt met waterproject” laat zien dat er geen enkele kennis aanwezig is bij de samenstellers van het projectplan. Het project is vanuit een kamertje geschreven, maar ter plekke zijn ze nooit geweest en men heeft zich daarbij vooral laten leiden door zakelijke belangen. Aan het woongenot van aanwonenden aan het doorvaarbaarwater is geen rekening gehouden.

Er hangt de toekomstige gemeente Dijk en Waard een enorm probleem boven het hoofd. De waterkwaliteit in Langedijk gaat heel hard achteruit vanwege de toename van de Amerikaanse rivierkreeft en de daarop prederende bruine rat. 

De negatieve invloed die de Amerikaanse rivierkreeft heeft, is het resultaat van het actief foerageren op de planten.  De Amerikaanse rivierkreeft verwijdert op deze manier waterplanten uit grote gebieden en verandert zo ecosysteemkarakteristieken als habitat heterogeniteit (Feminelle&Resh, 1989) en de samenstelling van de macro-invertebratengemeenschap (ongewervelde dieren), omdat de aan macrofyten (wat grotere planten), zoals waterzuring, riet, moerasandoorn, watermunt, goudvijl, bitterzoet, zwanebloem, dotter, maar ook eendekroos, drijvend fonteinkruis, watergentiaan, waterranonkel, gele plomp en kikkerbeet verdwijnen. Het fourageren op organisch bodemmateriaal door de Amerikaanse rivierkreeft, beïnvloedt de waterplanten negatief, doordat door de zo veroorzaakte bioturbatie sedimentdeeltjes weer in de waterkolom komen en extra nutriënten vrijmaken in het water. Hierdoor kan algengroei toenemen. Wat resulteert in minder licht, en dus slechtere omstandigheden voor de groei van waterplanten. (Angler et al.,2001)

Een dergelijke achteruitgang van waterplanten als gevolg van de rivierkreeft-activiteit wordt door verschillende auteurs in het veld waargenomen en laat zich ook in de Langedijkerwateren zien.

Studies wijzen ook uit dat de Amerikaanse rivierkreeft negatieve invloed heeft op vissen en visseneieren, amfibieën en vogels.

De rivierkreeft heeft helaas bijna geen natuurlijke vijanden. De bruine rat is er echter één die goed gedijt bij de aanwezigheid van de rivierkreeft en dat is zeker in het Oosterdelgebied goed te merken.

De bruine rat predeert rivierkreeften (Heuts2012; Soes & Bergsma 2016). Analyse van de verspreidingsdata uit de NDFF laten zien dat het aantal meldingen van in het beheergebied Rivierland sinds het jaar 2000 significant is toegenomen. Het totaalaantal waarnemingen van de bruine rat per jaar is significant gecorreleerd met het totaalaantal waarnemingen per jaar van de rode Amerikaanserivierkreeft. (uit onderzoek in opdracht waterschap Rivierenland, door P. Lemmers, B.H.J.M. Crombaghs & R.S.E.W. Leuven).

Dat heeft op de kwaliteit van Het Langedijker goud een heel negatief effect en het blijft bijzonder dat de ontwikkelaars met water voorbijgaan aan de basis en dat is “kwalitatief goed en gezond water”. Voor het ontwikkelen van een visie hoor je in de basis uit te gaan van ervaringen opgedaan in het verleden en Langedijk had in de jaren ’50 en ’60 water van heel slechte kwaliteit en de ziekte van Weil, als gevolg van een grote populatie bruine ratten, kwam hier met de regelmaat van de klok voor.

Wethouder Jongenelen heeft de mond vol met wat er allemaal wel niet kan op en rond het water, maar gaat volledig voorbij aan effecten op de volksgezondheid. Blijkbaar is dat geen Dorpsbelang!

En dat is heel spijtig. Als je verder wilt gaan met het ontwikkelen van Langedijk zou de gemeente eerst eens moeten gaan investeren in een goede en gezonde biotoop in en rond de Langedijker wateren.

Als je dat op de rails weet te krijgen en Langedijk heeft op dat punt een enorme achterstand opgelopen door alleen maar bezig te zijn met het bouwen van luchtkastelen rond ons water en geen oog te hebben voor onze kantelende biotoop.

Gelijktijdig zou er een “VAARBELEID” moeten worden ontwikkeld en als dat allemaal goed geregeld is dan zou je mogelijk zonder al te veel problemen het voorliggende goudzoekersplan van wethouder Jongenelen kunnen gaan ontwikkelen.

Openmaken en houden van historische vaarverbindingen!

Ook hierin laten de plannenmakers zien dat zij zaken bedenken vanachter hun bureau.

Wie vandaag de dag over de Achterburggracht vaart kan zien dat deze ‘historische’ route in de loop der jaren steeds smaller is geworden en nog steeds smaller wordt. Bewoners aan de Achterburggracht werden geen strobreed in de weggelegd bij het uitbreiden van hun woonerven. Schoeiingen zijn steeds verder in het water geplaatst en om nog wat meer ruimte te creëren heeft men de steigers achter het huis tot complete terrassen over het water kunnen bouwen zonder dat er ook maar enig toezicht, laat staan handhaving op werd gehouden. 

Met steeds groter wordende sloepen zal het er in de toekomst op neer komen dat men éénrichtingsverkeer zal moeten invoeren, ook al omdat er maar weinig sloepenvaarders zijn die het manoeuvreren onder de knie hebben. Waarom je dan tot de gedachte (visie) komt dat er nog wel véél meer mensen met boten op het water zouden kunnen zal ook wel bedacht zijn vanachter hetzelfde bureau.

Stichting Geldzorg Oosterdel

De gemeentes Heerhugowaard en Langedijk hebben gemeend, de oplossing door Stichting Veldzorg bedacht, om het afkalven van de oevers in het Oosterdel tegen te gaan en hebben daar samen zo’n vijftig duizend euro voor over om Geldzorg in staat te stellen met gevlochten wilgenwiepen de oevers te verstevigen en daarmee als bijkomend effect een kraamkamer voor jonge rivierkreeftjes te maken. Zo er al predatoren zijn voor die beestjes wordt de rivierkreeft een schuilmogelijkheid gegeven om tussen de gevlochten stengels weg te kruipen.

Het is een feit dat het de rivierkreeft is die de oevers ondergraaft, maar het zijn de boten die er met hun golfslag voor zorgen dat ze inzakken en verdwijnen. Sinds Stichting Geldzorg Oosterdel ontdekt heeft dat zij met het uitgeven van vaarpassen aan adoptanten extra geld binnen kunnen halen, is ook de schade aan de oevers hierdoor groter geworden.

De gemeentes kunnen Geldzorg beter het geld geven dat Geldzorg aan donaties binnenhaalt en dan als eis stellen dat er niet anders dan vaarpassen wordt uitgegeven aan huurders die ook werkelijk een eiland onderhouden in plaats van adoptanten die het kapot varen. 

Ook daar is geen handhaving op al worden boa’s soms op maandagochtend buiten feestdagen om wel eens in het gebied gezien (sic.).

Een eerste stap zou kunnen zijn het uitkopen/afkopen van de adoptanten-inkomstenb en zou niet meer dan 20.000 euro hoeven kosten.

Als gemeente hou je op eerdergenoemd budget ruim dertigduizend euro over welke geïnvesteerd zou kunnen worden in de bestrijding van de rivierkreeft en verbetering van de biotoop in het algemeen.

Een investering in de goede richting.

Een heel goede investering om te doen zou zijn het uitzetten van meervallen. Het zijn vissen welke het heel goed in de Langedijker wateren zouden kunnen doen. De meerval heeft uitstekend voedsel aan de rivierkreeft en is een geducht wapen in de strijd tegen de rivierkreeften. Tevens zou het goed zijn als er graskarpers zouden worden uitgezet. Deze vissoort is een prima grazer van waterplanten die de watergangen open kan houden en zo ook wat evenwicht kan brengen in de waterhuishouding.

De inzet van deze soorten kan een heel gunstig effect hebben op de aantrekkelijkheid van onze gemeente en een eerste stap in het ontwikkelen van onze gemeente met water.

Voor de sportvisser zijn meervallen en graskarpers ideaal om op te vissen en het mooie van graskarpers is dat zij zich in ons klimaat niet voortplanten en blijven dus beheersbaar.

Met deze “Langedijk ontwikkelt met water” springt wethouder Jongenelen over zijn eigen schaduw.

Als de raad van Langedijk anno 2020 met dit plan instemt en er gelden voor vrijmaakt dan toont dat aan dat ze ver van de huidige realiteit afstaat en misschien heeft het ook wel te maken dat het er allemaal niet meer toe doet omdat het een probleem is dat pas na 2022 door een andere raad in een andere gemeente moet worden opgelost. Waarom nu praten over plannen tot 2025 en niets doen met wat er nu speelt en wat vandaag nog opgepakt kan worden?

Alleen al met de behandeling van dit plan ondergraaft deze raad, net als de rivierkreeft, de realiteit van vandaag en echt; het is geen goud dat er blinkt zoals de wethouder ons wil doen geloven, maar slechts verzonken land dat onze toekomst wordt.

Mijn uitnodiging om eens mee te gaan om de situatie rustig te bekijken blijft gelden, u bent welkom.

Dank voor uw aandacht.

Martin Wagenaar.

Geef een reactie