
DE AMERIKAANSE RIVIERKREEFT
Après nous, le déluge.
Alleen als men een groot deel (zeg 75% of nog wel meer) van de rivierkreeften wegvangt zal een mogelijk effect optreden op de aantallen en hoeveelheid rivierkreeften in de wateren van Langedijk!
Afsluitend.
De afgelopen twee jaar, nadat Veldzorg tot de ontdekking kwam dat er Amerikaanse rivierkreeften in ons gebied waren, heb ik me behoorlijk ingelezen op het gebied van effecten die dit beestje heeft op de leefomgeving. Ik heb me ook ingelezen wat betreft wet- en regelgeving rondom de bestrijding van invasieve exoten en kwam al snel tot de conclusie dat voor een gedegen aanpak van het probleem het noodzakelijk is om de kwestie landelijk aan te pakken, omdat je slechts met brede steun de mogelijkheid hebt om landelijke wet- en regelgeving aan te passen. Daarover heb ik veel gesproken, ingesproken en als mijn boodschap niet over kwam ook kritisch geschreven (www.schaduwrijklangedijk.nl). Ik heb raadsleden uitgenodigd om het probleem persoonlijk in ogenschouw te komen nemen en ook wethouders. Uit eindelijk is alleen Nils Langedijk op mijn uitnodiging ingegaan, maar die heb ik niet kunnen overtuigen van de noodzaak dat de oplossing niet bij Veldzorg, Heerhugowaard of Langedijk ligt, maar dat de aanzet tot het beheersbaar maken van het probleem in Den Haag ligt. Positief voor de toekomstige inwoners van “Dijk en Waard” is dat raadsleden uit Heerhugowaard wel belangstelling voor het probleem tonen en op de uitnodiging ingaan om de ellende die door de huidige bestuurders in Langedijk is ontstaan en iedere dag alleen nog toeneemt ter plaatse te bekijken.
Op 7 juli 2020 had ik een gesprek met wethouder Jongenelen de man die de waterwegen van Langedijk tot in Alkmaar wil openen voor de Amerikaanse rivierkreeft en deze vertelde me dat hij als oplossing voor het probleem een viswedstrijd op die beestjes had bedacht. Daarvoor had hij enthousiaste ondersteuning gekregen van de Stichting Veldzorg. Ik heb Jongenelen daarover, net als de burgemeester Kompier van Langedijk, de volgende morgen een mail gestuurd ( Bijlage 1.) waarin ik hen heb gewezen op het feit dat zij op deze manier mensen aanzetten om de wet te overtreden, want daar komt het zomerfeestje op de Camping Dijk en Waard in wezen op neer.
Een week later heb ik mijn mail in kopie aan de fractievoorzitters van Langedijk gestuurd, daarop kwamen geen reacties waaruit valt op te maken dat burgers met brede instemming van de Langedijker politiek de regels aan hun laars kunnen lappen. En tot grote treurnis dat men blijkbaar het probleem nog steeds onderschat en het lokaal met af en toe een viswedstrijdje denkt te kunnen oplossen.
De ingreep van de Voedsel en Warenautoriteit heeft echter laten zien dat zelfs met goed bedoelde acties je aan handen en voeten bent gebonden. Zelfs voor een viswedstrijd zal je in Den Haag regels moeten veranderen.
Over een periode van meer dan tien jaar zijn de gevolgen van ondergravingen door de Amerikaanse rivierkreeft in de Langedijker wateren te zien. Het is eigenlijk te triest voor woorden dat Staatsbosbeheer en hun beheerder van het Oosterdel, Stichting Veldzorg, pas op 17 mei 2018 tijdens een schouw de aanwezigheid van het diertje ontdekten. Het geeft een ontwapenend beeld van hoe eigenaar en beheerder met ons cultureel erfgoed omgaan, zonder kennis van zaken. Het komende half jaar gaan we weer 4 studenten op het gebied loslaten en moeten we nog maar zien of dat wat oplevert. Zo niet dan is er weer een jaar verloren. Waarom onze bestuurders iedere keer maar op één spoor inzetten is mij in de afgelopen twee jaar niet duidelijk geworden.
Dat de wethouders van Heerhugowaard en Langedijk met het trekken van de portemonnee (€ 50.000,-) denken het tij te kunnen keren zegt ook al meer dan genoeg, zeker ook in het licht van de ‘succesvolle’ actie van wethouder Jongenelen om het probleem beheersbaar te maken door jonge kinderen het miljoenen leger van rivierkreeften met hengels te lijf te laten gaan. Bij een opbrengst van 5000 gevangen rivierkreeften op één miljoen van die beestjes is dat 0,5% minder rivierkreeften.
Een resultaat waar wethouder Jongenelen zijn statafel wel trots weer voor uit de gemeentelijke berging mag nemen om dat pers moment fotografisch te vereeuwigen.
De toekomst voor de inwoners van Dijk en Waard ziet er bestuurlijk niet al te florissant uit, want uiteindelijk komt de rekening voor dit non-beheer op het bordje van de inwoners te liggen.
Met alle ondergravingen die onze gemeente nog zullen treffen dragen onze bestuurders niet bij tot een doorvaarbaar Langedijk, maar een doorwaadbaar Langedijk.
Ik wil het na twee jaar trekken aan een doodpaard hier, droef gestemd, maar bij laten.
Martin Wagenaar,
redacteur “beheerplan Oosterdel 2004-2014”,uitgever en redacteur van www.schaduwrijklangedijk.nl
Bijlage 1.
Geachte heer Jongenelen, beste Ad, Onder referte naar ons plezierig gesprek gistermiddag voel ik toch behoefte om nog op een onderwerp terug te komen dat mij thuisgekomen aanzette tot wat nader onderzoek en reflectie betreffende de ‘viswedstrijd’.
Je gaf zelf al aan dat vissen op rivierkreeftjes eigenlijk verboden is, maar dat je de controlerende boa’s in ons gebied gevraagd hebt om dit oogluikend door de vingers te zien.
Dat gaf mij gisteravond toch een ongemakkelijk gevoel, want als wethouder heb je toegezegd aan de raad om tijdig met een goed doortimmerd vaarbeleid voor Langedijk te komen. Ik denk dan; een wethouder gaat regels opstellen, maar vraagt handhavers om huidige regels even niet na te leven. Voor mij wringt daar een schoen.
Verder vertelde je dat de rivierkreeften bij Veldzorg kunnen worden ingeleverd en dat Peter de Nijs zijn relaties met de Langedijker horeca zal aanspreken om ze in de restaurants op de menukaart te kunnen zetten. Tevens spraken we over de mogelijkheid voor een krokettenfabrikant om ze eventueel in kroketten te verwerken. Daar zou ik als wethouder verre van blijven, want je zet aan tot wetsovertreding, terwijl de naam van jouw functie toch anders zou vermoeden. Onze voedselketen wordt door regels beschermt en iedereen die in die voedselketen voedsel levert dient de voedselautoriteit te kunnen tonen waar dat voedsel vandaan komt volgens de “Hazard Analysis and Critical Control Points”(HACCP). Bedrijven die voedsel produceren of verwerken moeten mogelijke risico’s beschrijven in een voedselveiligheidsplan, ofwel een HACCP-plan. Dat hoort ook Peter de Nijs als voormalig horeca-ondernemer ook te weten. De bron van dit voedsel, de rivierkreeftjes, is in dit geval niet te herleiden tot één bron (beroepsvisser), maar komt van niet nader te traceren vissers die niet gecertificeerd zijn en illegaal hebben gevist.
Stel dat je besluit om dat aspect te laten varen en dan jouw ander genoemde optie laat doorgaan; burgers kunnen bij Veldzorg rivierkreeftjes ophalen voor hun BBQ.
Stel dat er iemand die rivierkreeftjes verkeerd gaat behandelen en er ontstaat iets van voedselvergiftiging. Wie is er dan uiteindelijk verantwoordelijk? Draait Veldzorg op voor schadeclaims of is de organiserende gemeente verantwoordelijk voor het feit dat zij de distributie van die rivierkreeftjes heeft laten uitvoeren door een instantie die niet met de juiste middelen is toegerust en ook de vergunning er niet voor heeft om dat uit te voeren?
Zoals je kunt lezen trek ik, dit overdacht hebbende, de conclusie dat je een plan aan het uitvoeren bent dat op geen enkele manier juridisch en wettelijke grond heeft en flinke financiële consequenties voor onze gemeente kan hebben. Dat is ook de reden dat ik deze mail aan onze burgemeester stuur, omdat die als hoofd van de politie en voorzitter van het College daarin meegesleurd kan worden.
Met een viswedstrijd zoals jij me die gistermiddag presenteerde ondergraaf je niet alleen je eigen geloofwaardigheid, maar van het hele College alsof de wet slechts geldt voor de inwoners en niet voor het bestuur.
Het leek mij daarom goed om je langs deze weg op de hoogte te stellen in de wetenschap dat er genoeg mensen binnen onze gemeente zijn die je hierop aan gaan vallen. Al waren het alleen maar een paar van die zodiac huftertjes, want die zijn over het algemeen heel goed op de hoogte van de regels en ze zoeken graag de buitengrenzen daarvan op.
Vertrouwende je hiermede voldoende te hebben gewaarschuwd,
met vriendelijke groeten,
Martin. in c.c. L. Kompier