Vorig jaar heeft de gemeente in Langedijk een behoorlijk aantal panden aangewezen als “gemeentelijk monument”, zonder daarvoor ook maar een echt beleid of visie te hebben. Plotseling bleek ik, na vijfendertig jaar met het idee naast een bouwval te hebben gewoond, naast een gemeentelijk monument te wonen. De Doopsgezinde Gemeente in Broek op Langedijk kon zich vanaf toen ‘gemeentelijk monument’ noemen en de kleine luiden van die kerk rekenden zich vanaf dat moment al weer rijk. Nu schijnt een euro in de kerkenzak op zondag al als een godsvermogen te worden gerekend dus u kunt zich voorstellen hoe de loftrompet van de Here moet hebben geschalmd toen de gemeentelijk schrijven over de monumentale fase van het pand bij de kerkenraad binnen kwam.
Wat is er zo monumentaal aan het gebouw?
De eerste steen voor het kerkgebouw werd gelegd op 29 july 1858, dus op grond van de leeftijd kan je zeggen dat het wat betreft ouderdom best wel tot monument zou mogen worden gerekend. Wat maakt een gebouw echter tot een monument? In Langedijk zijn daar geen regels voor vastgelegd en we mogen aannemen dat men slechts naar de leeftijd kijkt, want als we de historie van de kerk bekijken dan zien we dat er aan het pand in de loop der jaren nogal wat is verspijkerd. De eerste gevel van het pand lag in de lijn met de gevel van het dokterspand ernaast. In 1935 werd de voorgevel een tweetal meters naar voren geplaatst. Deze gevel werd in 1964 vervangen door een wel heel kleur- en smaakloze gevel zoals deze heden ten dage nog steeds is. Weinig monument zou je dus zeggen. De noord- en de zuidgevel zijn ook niet bepaald voorbeelden van monumentaal bouwen. Het metselwerk is van stuukwerk voorzien in de vorm van semi grote bouwstenen om het onderliggende slechte metselwerk te verdoezelen. Wat maakt de kerk dan tot monument? De mevrouw die het gebouw in opdracht van de gemeente kwam beoordelen vond het ronde raam in de achtermuur van de kerk van monumentale waarde! Dat het dak dertig jaar geleden op instorten stond en toen provisorisch is gerepareerd en nu weer duidelijke kenmerken van verzakking vertoond, dat werd in de beoordeling niet meegenomen. Dat de noord- en de zuidgevel op verschillende plaatsen aan het wijken zijn dat blijkt zo’n pand alleen maar monumentaler te maken. Kortom Langedijk heeft een prachtige bouwval tot monument benoemd en daar is de kerkenraad van de Doopsgezinde gemeente maar wat blij mee. De gemeente draagt eens in de vijf jaar tot maximaal € 5.000,- bij aan een gemeentelijk monument. Er is echter niet veel geld in de monumentenpot. Die het eerst komt die het eerste maalt is de leidraad en het maximale bedrag daar hoef je niet op rekenen. Nu was dat voor de Doopsgezinde gemeente ook niet zo van belang wat er aan ‘onderhoud’ gebeurde, want onderhoud hield meestal in dat er iets werd uitgevoerd aan het pand zodat het net leek of het heel wat was. Zolang ze bestaan is het niet meer dan het ophouden van de ‘schone schijn’. In dit geval heeft men besloten om de zuidgevel van de kerk op te knappen, scheurtjes en gaten dicht smeren en een laag verf er over dan lijkt het weer voor een paar jaar of er niets aan de hand is. Zo werd er een steiger geplaatst en de gevel werd met hogedruk gereinigd. Daarna gebeurde er een week niets tot gisteren een stukadoor de scheuren en gaten kwam dicht smeren. Toen ik hem vroeg of hij het stuk zuidmuur bij mij achter de poort ook ging doen, kreeg ik als antwoord dat het de kerk alleen maar ging om de visuele kant aan te pakken. Men had te weinig geld (€ 2.000,-) om de gevel helemaal en goed onder handen te nemen. Omdat ik van het kerkbestuur geen verwijt wilde krijgen dat ik zou hebben tegengewerkt en de man niet achter de poort had laten werken, was hij zo vriendelijk om een paar plekjes wit te strijken.
Gemeentelijke subsidie.
De bijdrage van de gemeente wordt gezien als een bijdrage in de te maken kosten en dat houdt volgens mij in dat je dan zelf ook een substantieel deel hoort bij te dragen. Geld heeft die kerk niet dus hun bijdrage zal wel het gebed zijn dat het dak voorlopig niet instort. Tja als je als gemeente daar je monumentenbeleid op baseert dan ben je toch wel heel erg slecht bezig. Tijd om eens een visie op te stellen over hoe er met monumenten dient te worden omgegaan en tot die tijd het geld gewoon in de lege gemeentelijke kas houden.