Koud van de Zuidscharwouderkermis thuiskomen. (2.)

De Broeker veldwachters.

Roelof Nieuwenhuis

Roelof Nieuwenhuis was de gemeenteveldwachter in juli 1922 was hij met zijn vrouw en twee kinderen vanuit Bloemendaal naar Broek op Langedijk gekomen. In Broek werden nog twee kinderen geboren.

Garage Bosman aan de toen nog Prins Hendrikkade geheten straat, later Havenplein.

Het eerste woonhuis naast garage Bosman was het woonhuis van veldwachter Nieuwenhuis, tegenwoordig Havenplein 18.

Van de brigadier rijksveldwacht Reinier Cornelis van den Bosch heb ik geen foto’s kunnen achterhalen. Hij is niet erg lang in Broek op Langedijk aangesteld geweest en de oorzaak hiervan zal u na lezing van de komende serie wel duidelijk worden.

Van den Bosch woonde aan de Dorpsstraat hier in het eerste huis rechts. In Broek bekend als de woning van Dirkmaat. Daarnaast de woning van Slot en daarnaast die van Houtkooper, de directeur van de zuurkoolfabriek. De woning van Houtkooper is een flink aantal jaren in gebruik geweest als kantoor van de verenigde zuurkool-inkoopcombinatie (CVK) en daarna nog heel lang als ABN/AMRO dienstgedaan.

Nieuwenhuis kwam in juni 1936 naar Broek op Langedijk en stond in de gemeente al snel te boek als een dienstklopper. Hij was snel met het uitdelen van bekeuringen en ook de sluitingstijden van de café’s werden nauwgezet door hem in de gaten gehouden. Een verlenging van die tijden door de veldwachter een borrel te schenken was niet aan de orde bij hem.

Dat die dienstklopperij hem niet in dank werd afgenomen blijkt wel uit een rechtbankverslag in de Alkmaarsche Courant van 1 december 1936.

Ene mejuffrouw J.de W.-R., uit Broek op Langedijk had op 28 augustus 1936 met haar echtgenoot door Sint Pancras gereden, en was daar aangehouden door Van den Bosch.

Hij wilde De W. verbaliseren, omdat zijn achterlicht niet brandde. Mej. R. had daarop tegen haar man gezegd; “Laat hem maar zijn gang gaan, die schoft.” Met tot gevolg dat ook mej. R. tegen een verbaal opliep. In de loop van de volgorde van krantenartikelen die hier worden opgenomen, komt het verslag van de rechtszaak nog volledig aan de orde.

Ook zal nog duidelijk worden wie J. de W.-R. en J. de W. precies waren. Het heeft wat zoekwerk opgeleverd, maar met resultaat.

Marinus Kool, het slachtoffer, woonde bij zijn ouders die een warenhuis hadden in Broek op Langedijk.

Links op de foto het vierde pand was de winkel van Maurits Kool. De broer van Marinus, ook een Maurits verhuisde later van het vierde naar het eerste pand links waar hij met zijn gezin ging wonen.

Naast het woonhuis liet hij een nieuwe winkel bouwen, zoals hier te zien is.

In de Alkmaarsch Courant van22 september 1936, pag. 2 verschijnt het eerste verslag over de gebeurtenissen. Het taalgebruik van alle kranten die in deze serie worden geciteerd zijn letterlijk overgenomen om de sfeer en de emoties zo goed mogelijk tot zijn recht te laten komen.

Stad en Omgeving

Jongeman doodelijk getroffen.

Kermisvierders uit Broek op Langendijk bedreigden een veldwachter.

Ontevreden over strenge toepassing van het sluitingsuur.

EEN NOODLOTTIG SCHOT.

(Van onze eigen verslaggever).

Op de hoeken van de nauwe straatjes, voor de deuren der huizen, op de veilingsterreinen bij het water in het landelijke dorp Broek op Langendijk staan de bewoners met elkaar te praten, sommigen druk gesticuleerend, de meesten echter op een rustige, meer gelaten manier. Het onderwerp is steeds hetzelfde: er is vannacht in het dorp een jongeman doodgeschoten door den brigadier der rijkspolitie, een jongemen, die gunstig bekend stond en het slachtoffer is geworden van een kermisrel, waarin andere jongelui hem betrokken hadden . . . .

’t Was kermis in Zuidscharwoude en jong-Broek op Langedijk was mede opgetrokken om feest te vieren op het kermisterrein en in de verschillende café’s. En er werd feest gevierd tot ver na middernacht, tot 2 uur. Toen sloeg het klokje van gehoorzaamheid: de burgemeester had den sluitingstijd bepaald op 2 uur.

Och, men weet hoe dat gaat. Om 2 uur sluiten moge in theorie beteekenen, dat de café’s en inrichtingen dan gesloten moeten zijn, in werkelijkheid komt de politie tegen dien tijd melden, dat “het de hoogste tijd is” en dat zoo langzamerhand afgerekend moet worden.

Zoo geschiedde het ook vannacht om 2 uur in Zuidscharwoude. Met de bekende soepelheid werd getracht, de kermisvierders naar huis te dirigeeren en toen om kwart over twee in een enkel café eenige bezoekers nog niet de minste lust toonden, om te vertrekken, toen werd de drang krachtiger en weldra was ook dit café leeg.

Maar zoals het meer gaat, een aantal jongelui toonde zich geen bewonderaars van de politie en uitte zijn ontevredenheid over het feit, dat “deze zoo kinderachtig was, om de feeststemming te bederven en zich te houden aan de sluitingstijd”. En wij kunnen ons voorstellen, dat het groepje vanuit de verte minder prettige uitdrukkingen tot de agenten lanceerde, maar tevens, dat de jongelui op behoorlijken afstand bleven, omdat zij als tegenstanders drie agenten konden tellen. Met een boos gezicht trokken ze af en weldra was Zuidscharwoude in diepen rust. Ook de politie vertrok en zou gaan slapen.

Toen gebeurde het.

Om ongeveer half drie vannacht kwam de brigadier der rijkspolitie, de heer v. d. Bosch, in zijn woning te Broek op Langendijk en nauwelijks vijf minuten later lag hij onder de wol. ’t Zal een drie kwartier later geweest zijn, toen de heer v.d. B. door lawaai en geschreeuw uit zijn bed gelokt werd. Hij kleedde zich aan, deed zijn uitrusting om en kwam naar buiten.

Wat was er gebeurd?

Het groepje kermisvierders uit Broek op Langendijk wilde wraak nemen op den rijksveldwachter, die ertoe had meegewerkt, om te ruim 2 uur in Zuidscharwoude de café’s te sluiten en met hun vieren zouden ze den heer v.d. B. wel eens leeren, hoe dat in het vervolg moest.

Het groepje jongelui tartte den agent, sloot hem in en begon toen te dreigen. De heer v.d. Bosch trok zijn klewang, maar dit wapen kon de jongens niet afschrikken. Zij hadden klaarblijkelijk de bedoeling, om nu eens goed met den brigadier af te rekenen en bleven een dreigende houding aannemen. Toe trok de heer v.d. B. zijn revolver en vuurde tot drie keer toe in de lucht en toen ook dit geen effect sorteerde, richtte hij het wapen naar omlaag en schoot in de richting van zijn aanvallers. Hij richtte laag, omdat een schot in de beenen waarschijnlijk voldoende zou zijn.

Helaas, het korte vuurwapen is altijd een der gevaarlijkste geweest, omdat het richten ervan zeer moeilijk is. En vooral in de gegeven omstandigheden, waar de donkere nacht alles nog meer bemoeilijkte. Hoe ook, een vierde schot klonk en een der jongelui zakte ineen. Hij was getroffen en voordat geneeskundige hulp geboden kon worden, was de jongen doodgebloed. Het was de 25-jarige M. Kool. Zijn lijk werd later naar Alkmaar overgebracht.

Het gebeurde ging weldra als een loopend vuurtje door het dorp en den geheelen morgen werd het druk besproken. Wij zelf kregen al vroeg per telex een kort berichtje van het drama en dit was voor ons aanleiding, om naar Broek op Langendijk te gaan, waar wij verschillende mensen gesproken hebben.

Allereerst trachtten wij van de zijde der politie iets gewaar te worden, zulks temeer, waar het telex-bericht sprak van een “vermeende of bestaande veete”. De commandant der brigade van de rijksveldwacht te Alkmaar, die ons te woord stond ten huize van de brigadier, kon ons weinig meedeelen, aangezien het onderzoek nog in vollen gang was. Toch kon hij, die het onderzoek leidde, wel vertellen, dat er van een veete geen sprake kon zijn.

De brigadier, die nauwelijks 3 maanden in Broek op Langendijk woont, had nog nimmer last gehad met de jongelui en ook niet met de overige bevolking. Zelfs kende hij zijn aanvallers niet! De eenige wrijving was ontstaan vannacht bij het sluiten der café’s en waarschijnlijk heeft dat de jongelui, die in deze dorpen nogal gewend waren aan eenige vrijheid, geprikkeld. Met het noodlottige gevolg.

Van de zijde van de bevolking vernamen wij nog, dat het slachtoffer een zeer oppassende jongeman was, die eigenlijk niet bij het groepje ontevredenen behoorde. Het was een jongen van christelijke beginselen, die gisteravond waarschijnlijk was meegetroond naar de kermis en toen de geheelen avond en nacht in het gezelschap van zijn dorpsgenooten is gebleven. Verder vernamen wij nog, dat de politie drie verdachten in arrest heeft gesteld.

De stemming geladen?

Een onzer correspondenten meldt ons nog: De stemming onder de jongelui in de gemeente Broek op Langedijk was al enige dagen geladen en speciaal had men het voorzien op de nieuwe brigadier, die volgens hen veel te streng optrad wat het sluiten der café’s betreft. Vroeger werd daar een zeer groote soepelheid toegepast, maar sinds de brigadier zijn werkzaamheden aanving, was die soepelheid verdwenen.

(Inderdaad was het ons bekend, dat er vroeger wel wat al te veel lankmoedigheid getoond werd bij het sluiten en zelfs deelde men ons mede, dat de kermisbezoekers wel eens tot 4 uur ’s morgens doorfuifden, terwijl toch om 2 uur alles gesloten had moeten zijn. En hedenmorgen vertelde de rijksveldwacht ons zelf nog, dat de burgemeester eischt, dat er streng de hand aan het sluitingsuur moet worden gehouden, zoodat de politie tegenwoordig anders optreedt dan vroeger wel eens het geval was. En men verzekerde ons, dat ook nu nog de noodige soepelheid betracht wordt en dat om 2 uur sluiten in de praktijk neerkomt op een ontruimen tegen kwart over twee. Re. Alkm. Crt)

De stemming der jongelui was bovendien h.i. nog bedorven door de houding van een achttal musici, die niet de door de jongens gevraagde muziek wilden spelen. De belooning daarvoor ontvingen de muzikanten des nachts in den vorm van een pak slaag. Van een hunner waren de kleeren totaal vernield. Daarna trok de groep naar Broek op Langendijk, waar voor het huis van den brigadier een helsch lawaai gemaakt werd met fietsbellen e.d. En tenslotte heeft een der jongelui bij den brigadier aangebeld, die daarop zich kleedde en naar buiten kwam. Daar stonden eenige jongens op de weg, die een debat begonnen met den agent van politie, terwijl een paar anderen in een roeibootje, dat in de vaart voor het huis lag, een helsch kabaal maakten en zoo’n drukte dat de boot vol water kwam en de inzittenden behoorlijk nat werden.

Toen de jongens de boot verlieten, was de stemming op den weg zeer verbitterd geworden, en de “roeiers” namen een houding aan, alsof zij hun kameraden wel even zouden helpen om den agent “af te drogen”. Dit was het moment, waarop de brigadier zich bedreigd zag en hij trok eerst zijn klewang en daarna zijn revolver, en juist bij het laatste schot kwam nog een jongen uit de boot en . . . . . de kogel trof deezen in de hartstreek. Met het reeds bekende noodlottige gevolg. Hieruit moge blijken, dat de politieman niet op een bepaald persoon gericht heeft, maar dat de treffer volkomen aan een toeval te wijten was.

Wordt vervolgd.

Bronnen en illustraties; Regionaal Archief Alkmaar, Alkmaarsche Courant, Schager Courant, St. Langedijker Verleden en eigen collectie.

Reacties en aanvullingen; kunt u mailen naar schaduwrijklangedijk@gmail.com of via de reactiemodus op deze website.

Geef een reactie