Geschiedenis van het zwemmen in Langedijk. Deel 8.

Met dit deel van de geschiedenis van het zwembad sluit de reeks met de opening van het openluchtzwembad in Noord Scharwoude. Tussen die opening en vandaag zit nog 50 jaar die niet zijn ingevuld, terwijl daar ook nog veel over te vertellen valt. Het zal nog even duren voor ik die periode ook heb vastgelegd, maar die gaat er komen na afronding en uitwerking van mijn onderzoek naar het handelen van de Fa. Gebr. Kloosterboer vanaf hun oprichting tot 1950.

De laatste stappen en veranderingen richting zwembad.

Raadsbesluit 3 april 1962 (*). VII Het voorstel tot verlenen van medewerking zwembad wordt door de raad aangenomen. Zoals alle besluiten waar de gemeente geld wilde uitgeven, moest ook dit besluit ter goedkeuring aan de provincie en het ministerie worden voorgelegd.

Raadsvergadering 9 juli 1963 (*). Rondvraag. Op een vraag van de heer Kraakman antwoord de voorzitter dat de stukken binnenkort voor rijksgoedkeuring worden ingezonden naar het ministerie.

Raadsbesluit 30 juni 1964 (*) XIV Voorstel tot verlening van financiële medewerking zwembad.

In de laatste fase tot de bouw van het zwembad wijzigen zich de inzichten m.b.t. de financiering van het bad. De Stichting Zwembad zal de terreinen niet kopen. De gemeente wordt de eigenaar van het zwembad en de stichting zal deze van de gemeente gaan huren. In een korte periode die daarop volgt moet dat met de provincie en het ministerie worden aangepast. Ook de raad moet worden geïnformeerd.

Dat gebeurt in de raadsvergadering van 3 mei 1965 (*); Voorstel wijziging begroting. De voorzitter deelt mede, dat de bouw van het zwembad bij onderhandse aanbesteding is gegund aan de N.V. de Geus te Broek op Langedijk voor de som van ƒ 403,000,–. Het ligt in de bedoeling, dat de gemeente de terreinen en gebouwen in eigendom verkrijgt en behoudt en dat de stichting het bad gaat exploiteren. De gemeente-secretaris, de heer Dockheer, geeft vervolgens een uiteenzetting over de financiële opzet. Op de kapitaaldienst is een bedrag van ƒ 750.000,– geraamd voor stichtingskosten; rente, afschrijving en onderhoud worden in uitgaaf ten laste van de gewone dienst gebracht. Hiertegenover staat een ontvangst van door de stichting te betalen huur. De exploitatie-begroting van de stichting sluit met nadelig saldo van ƒ 5.000,– welk bedrag ten laste van de gemeente komt en reeds eerder op de begroting is gebracht. De nieuwe opzet brengt met zich mede, dat het vorige raadsbesluit tot garantie van een door de stichting te sluiten geldlening wordt ingetrokken en dat de raad besluit tot aankoop van het voor het zwembad bestemde terrein van de stichting zwembad Langedijk.

Op 10 mei 1965 (*) schrijft de gemeente aan het College van gedeputeerde staten van Noord-Holland het volgende; “Ten vervolge op onze brief van 13 april 1965, no. 1607, delen wij u mede, dat de raad in zijn vergadering van 3 mei 1965 heeft besloten zelf over te gaan tot stichting van het zwembad. Hiertoe doen wij u ter goedkeuring toekomen de 11esuppletoire begroting, dienstjaar 1965, waarin wij de gewijzigde opzet comptabel is geregeld. Voorts gelieve u hierbij aan te treffen: a. Het besluit tot intrekking van het raadsbesluit d.d. 2 maart 1965 tot het aangaan van een geldlening ad ƒ. 770.000,– (in 3-voud). b. Het besluit tot aankoop van de “Stichting Zwembad Langedijk” van de voor de bouw van het zwembad benodigde grond.”

Op 19 mei 1965 vraagt de gemeente aan het College van Gedeputeerde Staten goedkeuring voor het raadsbesluit om het zwembad volledig onder gemeentelijk beheer te bouwen en het aan de “Stichting Zwembad Langedijk” te verhuren. De gemeente motiveert het besluit als volgt; “Nu de bouw van het bad aanstaande is, hebben wij ons wederom beraden over de vraag, hoever de gemeentelijke zorg zich moet uitstrekken en welke weg daartoe gevolgd moet worden

De aanvankelijk voorgestelde methode heeft n.l. het bezwaar, dat de gemeente alle zeggenschap en verantwoording overdraagt aan het stichtingsbestuur en zelf volledig aansprakelijk blijft als eigenaar en debiteur. Daarom hebben wij in overleg met het stichtingsbestuur besloten de vorm van de samenwerking te wijzigen, met dien verstande, dat de gemeente eigenaar blijft van de inrichting en deze gaat verhuren aan de stichting. Het zeer actieve bestuur, dat ook in de voorbereidende sfeer veel werk verricht heeft, zal straks de exploitatie ter hand nemen. Een en ander heeft tot gevolg, dat de grond opnieuw ten name van de gemeente moet worden gesteld, waartoe het ter goedkeuring ingezonden besluit moge dienen.

Voor zoveel nodig delen wij u tenslotte nog mede, dat de raad in zijn op 3 mei gehouden vergadering de hieruit voortvloeiende financiële gevolgen geregeld heeft bij de 11ebegrotingswijziging 1965. Deze begrotingswijziging is ter goedkeuring ingezonden op 6 mei 1965. Burgemeester en wethouders van Langedijk”

Op 24 mei 1965 (*) ontvangt de gemeente onder nr. 246360, t.b.v. de bouw openzwembad in het uitbreidingsplan Noord-Scharwoude, aan de dokter Wilminkstraat te Noord-Scharwoude de rijksgoedkeuring. Kosten ƒ 403.000,–.

In de raad van 1 juni 1965 (*) deelt de burgemeester de raad mee dat de rijksgoedkeuring inmiddels is verkregen.

20 juli 1965 (*) Goedkeuring gedeputeerde staten van aankoop bouwterrein, gelegen in uitbreidingsplan Noord- en Zuid Scharwoude van de “Stichting Zwembad Langedijk”.

In de Pers.

30 maart 1966. (Alkmaarse Courant)Personeel reeds benoemd.

“Tot eerste zwemmeester-bedrijfsleider is benoemd de heer P. T. Gode te Den Helder. De heer J. Pluister Johnzn zal als tweede zweminstructeur optreden. Mej. R. van Dorsselaar te Oudkarspel is als cassière aangesteld.

Met de bouw van het zwembad door N.V. aannemersmij. C. De Geus is in juni 1965 begonnen. Het fraai gelegen complex op 1 ½ ha. groot terrein in het uitbreidingsplan Noord- en Zuid-Scharwoude is dan reeds omgeven door bossages naar een schetsontwerp van de Kon. Nederlandse Heidemij.(tegenwoordige Grontmij.)”

2 mei 1966 (Alkmaarse Courant); “Vrijdagmiddag 29 april 1969 werd het gemeentelijk bad overgenomen door de “Stichting Zwembad Langedijk” welke de exploitatie van het bad heeft. Het beheer van de kantine is opgedragen aan Peter Hink Sz te Zuid-Scharwoude voor de duur van een jaar.

Omdat burgemeester Zwart wegens familie-omstandigheden was verhinderd, kweet loco-burgemeester Jac. Weel zich van deze taak. De heer Weel hees bij deze gelegenheid, behalve de Nederlandse driekleur, een zeer artistiek vervaardigde gemeentevlag, waarop het linker gedeelte het gemeentewapen voorkomt, ziet men verderop een azuurblauwe achtergrond die de hemel uitbreidt, vier sterren die zijn bedoeld als symbool van de vier dorpen van de Langedijk. Het ontwerp is van de heer W. Van Diest van de Kon. Heide Mij., die het bad heeft ontworpen en de supervisie over de bouw had. Als adviseur trad op de heer F. de Boer uit Broek op Langedijk.

 Het stichtingsbestuur bestond uit de heren J. v.d. Ben, voorzitter; secretaris J.A. Zielstra en de algemeen-adjunct A. Rootjes.

Onder leiding van de voorzitter van de stichting vond als sluitstuk van deze belangrijke dag nog een receptie plaats in de zaal van hotel ‘De Burg’. Daarbij werden tal van geschenken aangeboden, bestaande uit gebruiksvoorwerpen voor het nieuwe bad en enveloppen met inhoud. Verscheidene sprekers richten het woord tot het stichtings- en gemeentebestuur, waarbij grote blijdschap werd uitgesproken over het feit dat na moeizame en jarenlange voorbereiding de Langedijk in het bezit is gekomen van zo een prachtige zweminrichting.

De verschillende sprekers waren de heer Maris, directeur Ned. Heide Mij., L. Cornelisse, oud-voorzitter van het zwembad en tevens van de Langedijker Sportraad, P. de Geus, hoofdaannemer, J. Zeeman, voorzitter VVV-Langedijk, J. Klinkert, onderaannemer, J.M. Adriani directeur Federatie van VVV’s in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal, J. v.d. Grient namen de Koninklijke Zwembond, J. Stoop voor de r-k. Raadsfractie en als laatste J.F. Olivier, hoofd r-k. Uloschool.

Voorzitter v.d. Ben ging na de diverse sprekers te hebben beantwoord over tot sluiting van de officiële receptie.

 Naar schatting hebben gedurende de eerste twee dagen in totaal 4000 zwemlustigen een bezoek aan het nieuwe bad gebracht.”

Oud-wethouder Maarten Kuiper schrijft in de jaaruitgave van het Westfriesgenootschap in 1967 “Een kijkje in de geschiedenis van Langedijk”; “En niet te vergeten: het nieuwe zwembad, waar we zo lang op gewacht hebben. Dat is meteen maar goed aangepakt. Het water wordt verwarmd, zodat je er ook bij minder zonnig weer heel best in kunt zwemmen. Dat is het eerste jaar wel gebleken. Er kwamen 127.000 bezoekers. Op sommige dagen, als het geen strandweer was, zelfs uit de badplaatsen.

Dat smaakt naar meer. Ze willen nu ook nog een overdekt zwembad bouwen. Dan kunnen de schoolkinderen ook in de winter les krijgen. De installaties om het water te verwarmen zijn er nu toch al, dus behoeft het niet zo erg veel te kosten.

Maar er is meer in de maak. Er moet ook nog een sporthal komen in Plan Centrum, achter de sportvelden van LSVV. Met de plannen schieten ze al aardig op.  Daar zal zeker wat van terecht komen. Als de gemeente er straks maar centen voor kan krijgen.”

Als we bedenken dat het Stichtingsbestuur er in zijn prognoses voor het eerste jaar vanuit ging dat er 25.000 losse kaarten zouden worden verkocht en 700 abonnementen dan valt er uit het stuk van Maarten Kuiper op te maken dat de bezoekersaantallen de stoutste verwachtingen overtroffen.

Nawoord: In eerste instantie lag het in mijn bedoeling om de geschiedenis van het zwembad vanaf 1966 tot heden te beschrijven. Het streekarchief vertoonde echter een schat aan informatie van voor die tijd. In de wetenschap dat Langedijk vanaf de oorlog een heel armlastige gemeente was, kreeg ik gaandeweg het lezen van de verschillende verslagen bewondering voor de bestuurders uit die tijd. Ik heb zoveel mogelijk die bestuurders middels citaten uit de verslagen hun eigen verhaal willen laten vertellen, zonder daar veel aan toe te voegen. Mijn dank en waardering gaan uit naar het Regionaal Archief in Alkmaar waar ik een aantal keren bij de bron heb kunnen zoeken en prachtig materiaal aantrof. Tevens dank ik Kees Ruigrok van de gemeente Langedijk voor zijn zoektocht naar het gat in de Collegebesluiten en voor zijn waardevolle tips naar aanvullend materiaal. Verrassend in het eerstgenoemde krantenbericht was de naam van algemeen-adjunct bestuurslid A. Rootjes. Was dit mijn oom Arie Rootjes uit Oudkarspel? Op mijn vraag aan mijn tante of haar man bestuurslid was geweest, reageerde ze in eerste instantie ontkennend. Wel vertelde ze dat zij de naam van het zwembad heeft bedacht en dat zij daar nog ƒ 25,– mee had gewonnen welke ze aan de zwemvereniging schonk. Via foto’s van de opening kwam ik erachter dat hij inderdaad bestuurslid was geweest. Al de stukken lezende kwamen er ook bij mij herinneringen boven uit die laatste periode voor de opening in 1966. Mijn moeder was voor de PvdA in 1964 in de gemeenteraad gekomen en fractievergaderingen werden in die tijd wisselend bij de raadsleden thuis gehouden en lezende de stukken kwamen de discussies die bij ons thuis over het financiële aspect van de bouw van het zwembad waren gevoerd weer boven drijven. Voor Langedijk waren het enorme uitgaven, maar wel zonder kosten van inhuur externen!

Geef een reactie