Smiths Chipswerknemers van het eerste uur. (2.)

In deze serie maakt u kennis met een aantal werknemers van het allereerste uur die vanuit hun middenstandsachtergrond aan de voet hebben gestaan van een onderneming die heel belangrijk was en is voor de werkgelegenheid in onze regio. Om de vier weken leest u meer over het bedrijf en haar werknemers, maar ook over datgene dat die werknemer en zijn/haar familie als onderdeel van de geschiedenis van Broek op Langedijk hebben meegemaakt.

In deze aflevering ‘pikken’ we de draad weer op bij de moeder van één van de werknemers, de ‘weduwe Pik’ die op 10 december 1936 weduwe werd.

Om in haar levensonderhoud te voorzien begon de ‘weduwe Pik’ een kruidenierswinkel en daartoe werd de woning aan de voorzijde uitgebreid met een aanbouw waarin de kruidenierswinkel werd gevestigd. In het Broek op Langedijk van rond 1936 bestond een grote behoefte aan woningen. Na de bouw van sociale woningen in Julianastraat en Wilhelminastraat was de enige uitbreiding van woningen die nog mogelijk was in zuidelijke richting langs de Dijk. In diezelfde tijd liet de gemeente zijn oog vallen op de Van der Molenpolder. Tegenwoordig is dat de Oranjebuurt en zijn het de voetbalvelden van BOL.

De provincie Noord-Holland ontwikkelde plannen voor de kanalisatie om via de ringvaart van Heerhugowaard een verbinding te maken tussen Alkmaar en Kolhorn. Daarvoor zou het kanaal worden verbreed en ook wat worden verlegd en de Klaas van der Molenbrug zou moeten wijken voor een grotere brug. De polder was voor het grootste gedeelte nog eigendom van de weduwe van Klaas van der Molen en de provincie moest in overleg met haar omdat ze een stuk van de grond nodig hadden ten behoeve van die kanalisatie.

Op hetzelfde moment zag ook het gemeentebestuur van Broek op Langedijk de mogelijkheden van die polder in voor huisvesting en ook zij gingen in gesprek met de eigenaresse. De zuurkoolfabriek van Klaas van der Molen was voor de kool niet afhankelijk van kool van eigen grond en de weduwe Van der Molen stond niet onwelwillend ten aanzien van verkoop van de grond aan de gemeente. De stedebouwkundig architect Wieger Bruin kreeg opdracht om een bouwplan te ontwerpen. Het duurde nog tot juli 1939 voordat die plannen ter inzage werden gelegd. Al deze plannen met de uitbreiding van de woningen langs de Dijk maakten het voor de middenstand interessant om zich in de directe nabijheid daarvan te vestigen en het moet zeker meegespeeld hebben bij het besluit van de ‘weduwe Pik’ om haar woning met een winkel uitte breiden.

Enig zoon.

Zoon Jan groeide op in een christelijk gereformeerde omgeving en zal al heel vroeg zijn moeder hebben moeten helpen met de winkel.

Hij zal zeker ook met een mand voorop zijn fiets boodschappen hebben rondgebracht en de boekjes met bestellingen bij de klanten aan huis hebben opgehaald. Zijn kinderen heeft hij wel eens verteld dat hij op de Sluiskade boodschappen kwam bezorgen en dat de vrouw die de boodschappen in ontvangst nam hem de koffie van Kanis en Gunnink weer mee naar huis liet nemen, omdat het geen protestantse koffie was.

De pikken verdwenen uit Broek.

De familie Pik ontleent ongetwijfeld zijn naam aan de pik- of pekschuur, althans aan het afdichtingsmiddel van die naam, dat werd gebruikt bij de houten scheepsbouw. Op een werf voor houten schepen waren meestal vier tot zes knechten en een jongen (de pikjongen) werkzaam. Zijn werk bestond uit slijpsteendraaien, pek heet maken en boodschappen doen.

In Broek op Langedijk was de familienaam Pik veel voorkomend. Het Oudepad in Broek op Langedijk heette in de volksmond niet voor niets het Pikpad of Pikkepad.

Jan Pik werd Jan Pikee.

Jan Pik zal als jongeling best moeite hebben gehad met de naam Pik en misschien werd hij ook wel met de naam gepest. Wie weet? Voor mij was het als Broeker een heel normale naam. De moeder van Jan Pik stond niet bekend als een makkelijke vrouw en ze zal zeker geen voorstander zijn geweest om haar familienaam te veranderen. Jan Pik heeft daarom waarschijnlijk tot zijn eenentwintigste moeten wachten voor hij zijn naam kon veranderen in Pikee. Zijn moeder is daar in ieder geval niet in meegegaan. De overige Pikken zijn in de loop van de jaren zestig meegegaan in de mogelijkheid van de naamsverandering en dat is de reden dat er in Langedijk geen Pik meer is te vinden.

Toen dokter Both op 1 april 1965 de huisartspraktijk van dr. Manjoero overnam had hij moeite met de familienamen Pik en Pielkenrood. Dat waren namen, zoals hij zei, die hij liever niet over zijn lippen kreeg.

DYNAF te Alkmaar.

Voor Jan Pikee in 1958 bij de chips ging werken, werkte hij drie jaar bij de dynamo en apparatenfabriek DYNAF in Alkmaar waar hij de eindcontrole uitvoerde over de gemaakte dynamo’s.

Bij de chips.

Bij het twintig jarige bestaan van de chipsfabriek in Broek op Langedijk werden in het personeelsblad een aantal medewerkers van het eerste uur geïnterviewd. Eén daarvan was Jan Pikee, de onvolprezen expeditiechef, zoals hij in het blad werd omschreven.

De eerste jaren bij de chips.

In 1958 kwam hij in dienst als eerste chauffeur, maar gelezen het interview viel er in die dagen vaak weinig te rijden. De eerste rit die hij voor de chips maakte was pas een week of drie nadat hij in dienst was gekomen. “Toen moest er met spoed een vrachtje plastic zakken worden gehaald die in de zogenaamde SM-doosjes werden gedaan. Het was nogal een forse rit, want we moesten helemaal naar Hillegom.”

In die eerste jaren werd er met aangepaste busjes van Volkswagen gereden om de chips te vervoeren en het benodigde inpakpersoneel werd ook opgehaald en thuisgebracht met Volkswagenbusjes.

In de eerste jaren van het bestaan van de chips moest er flink aan de weg getimmerd worden om het merk in de markt te zetten en werden de toenmalige chauffeurs multifunctioneel ingezet en dat zorgde voor de nodige afwisseling. Ze moesten bijvoorbeeld 20 minuten “dozentrappen” wat inhield dat de plano dozen in elkaar geniet moesten worden, waarna er een plastic zakje ingelegd werd. De inpakdames konden dan met de zakjes ‘crisps’* zoals de chips toen heette, de dozen vullen. Vervolgens moesten de chauffeurs 20 minuten aardappelen snijden. Via de snijmachine met handbediening werden de aardappelplakjes naar de oven gevoerd. Na dit werk kon de keus worden gemaakt uit 20 minuten de plakjes onder de olie dompelen met een speciale dompelspaan of de sealmachine schoonmaken.

*In de volksmond werd de crisps ‘krips’ genoemd.

Bronnen: Deze serie zou niet mogelijk zijn dankzij de informatie en foto’s van de familie Pikee en Kok. Andere gebruikte bronnen waren Chip Ahoy, het Regionaal Archief Alkmaar, Alkmaarse Courant. De krantenartikelen en een aantal foto’s dank ik aan de verzamelwoede van Piet Schoenmaker (1922-2009), voormalig postbode, middenstander, tevens oud-medewerker van de Chips.

Wordt vervolgd.

Geef een reactie